Voorzitter BKU: Samenwerking en ontwikkelen duidelijke gemeentelijke visie
donderdag 5 januari 2012
Terwijl ik dit schrijf/zeg stormt het buiten. Donkere wolken hebben zich samengepakt boven ons dorp. Illustratief ook voor de economische situatie waarin ons land en Europa zich begeven. Onzekere tijden vergen het uiterste van onze stuurmanskunsten. Alert zijn, snel schakelen, moed, lef, doorzettingsvermogen. Sterke kanten uitbouwen, kansen benutten. Maar vooral zoeken naar manieren om elkaar te versterken, samenwerken. Het is allemaal nodig om de recessie het hoofd te bieden. Dat is waar we als BKU voor staan.
Een sterk en krachtig collectief van 210 bedrijven, waarbinnen ook de PO Urk, de winkelcentra, zo goed als de gehele visindustrie en een club van maritieme bedrijven. Tezamen goed voor waarschijnlijk 75% van het Urker bedrijfsleven. Dat is waar de BKU voor staat. Dat is waar wij ons als bestuur voor inzetten. En alleen door die krachten te bundelen en met elkaar uitwegen te zoeken overleven wij die recessie.
Groot is dan ook de waardering voor wethouder Visser die op zijn eigen karakteristieke wijze richting heeft gegeven aan samenwerking binnen de visserij en aanverwante industrie. Wij weten dat hij te kampen had en heeft met onderbezetting op de economische afdeling, maar desalniettemin staat er nu een Blueport Urk en heeft de visserij zich geschaard achter het beter structureren van de aanvoer tijdens de eerste maanden van dit nieuwe jaar, in overleg met de handel. Een mooie basis om op voort te borduren, want we zijn er nog lang niet.
Visie. Dat is wat nodig is in deze moeilijke tijden. De BKU heeft die visie. De BKU is er heilig van overtuigd dat de kracht van Urk ligt in de maritieme sector. Daar liggen de kansen die benut moeten worden. Daar liggen de mogelijkheden om als Urker gemeenschap de weg omhoog te vinden. Daar is daadkracht voor nodig, doorzettingsvermogen.Visie. Die eigenschappen zijn ook gebundeld binnen FlevoPort Urk. Een initiatief van 7 ondernemers die met elkaar de schouders zetten onder de ontwikkeling van een maritieme werkhaven. De eerste resultaten van het haalbaarheidsonderzoek zijn hoopgevend en bieden perspectief. Daarin moeten nog enorme stappen gezet worden, voordat die haven ook ontwikkeld is. Dat kan FlevoPort niet alleen, dat kan de BKU niet alleen, dat kan Urk niet alleen. Nee, daarvoor hebben we partners nodig, zoals de gemeente Noordoostpolder, provincie Flevoland, Rijskwaterstaat, de Windkoepel en Waterschap Zuiderzeeland. Die samenwerking zoeken we als BKU. Goede contacten zijn er gelegd met bijvoorbeeld de provincie.
Uit de gesprekken die we op het provinciehuis hebben gehad moeten we echter ook concluderen dat Urk er wat betreft visie- en beleidsontwikkeling niet echt goed op staat. Urk wil van alles, maar de visie waar het met Urk naar toe moet ontbreekt. Of het nu om toerisme of cultuur gaat, of een buitendijkse haven. Waar is de visie van Urk? Langjarig perspectief uitgewerkt in een duidelijke en heldere visie. Daar schort het aan. En eerlijk gezegd herkennen wij dat ook wel een beetje als BKU. Als we kijken naar de buitendijkse haven, dan moeten we concluderen dat we alleen hebben gestaan. De bal lag bij het bedrijsleven, de gemeente leunde achterover. Te makkelijk, te passief. Gemeente, college, politiek, kom uit die leunstoel en neem in plaats van een passieve houding een pro-actieve en initiërende houding aan. Creëer de ideale omstandigheden, realiseer draagvlak op het provinciehuis door een heldere visie te ontwikkelen. Maak duidelijk waar we met Urk naar toe willen. Laat niets aan het toeval over, kom in actie. Waar leggen we de prioriteiten? De BKU heeft u al laten weten dat die niet liggen bij het naar voren halen van de aanleg van een 3e brug. De BKU is van mening dat alle energie gestoken moet worden in de realisatie van een maritieme werkhaven. Dat zal nieuwe bedrijvigheid naar Urk trekken, hoogwaardige werkgelegenheid waar ook in het onderwijs op ingespeeld kan worden. Het zal een impuls geven aan de verkoop van industriegrond, omdat de nabijheid van kadefaciliteiten de aantrekkingskracht van het bedrijventerrein vergroot. We hebben de mogelijkheden om in de ontwikkeling van de haven mee te liften op de komst van de windmolens voorbij laten gaan. Laten we niet nu nog een keer dezelfde fout maken, nu er een groep ondernemers is opgestaan die de schouders onder dit project heeft gezet. Spring op de trein! Doe uw werk richting provincie en buurgemeente. Enthousiasmeer, faciliteer, inspireer, toon daadkracht en visie.
Uitspraken van onze burgemeester in het Reformatorisch Dagblad als ‘de provincie geeft geen sturing aan de discussie’ en ‘datgene wat bestudeerd wordt, wordt niet gedeeld en dat ervaar ik als een gemiste kans’, voegen dan niets toe. Dat mag u pas zeggen op het moment dat u met uw college ook een duidelijk visie heeft uitgestippeld ten aanzien van die buitendijkse haven. Maar er is hoop, in hetzelfde artikel zegt u als eerste: ‘wij willen een nieuwe buitendijkse haven’. Ook maandag in uw nieuwjaarsrede heeft u dat nog eens uitgesproken. Dat geeft de ondernemer dan wel weer moed! We gaan u daar uw resterende half jaar hier op Urk nog tot vervelens toe aan herinneren: ‘Wij willen een nieuwe buitendijkse haven’. Samen moeten we die boodschap verder brengen, dan alleen de Urker bedrijvenkring. Het kan een mooi afscheidscadeautje worden als u het samen met ons voor elkaar krijgt om met gemeente NOP, provincie, Rijskwaterstaat en Flevoport Urk tot iets van een intentieovereenkomst te komen.
In relatie tot de buitendijkse haven moeten we het ook hebben over de ZuiderZeeLijn gelden. Oftewel de ZZL-gelden. In de tijd van gedeputeerde Andries Greiner en het vorige college was de BKU een tijdje gesprekspartner in dat hele proces. Echter, dat proces liep vast, tenminste wat betreft de betrokkenheid van het bedrijfsleven daarin. De BKU was samen met Bedrijven Actief Noordoostpolder een voorstander van besteding van de gelden aan grootschalige infrastructurele projecten, waaronder ook een buitendijkse haven zou vallen. De afgelopen jaren hebben we daar weinig meer van gehoord en is het gevoelen ontstaan dat we aan het lijntje werden gehouden. We hebben begrepen dat er rond die ZZL-gelden nog het nodige overleg gevoerd wordt. Samen met de BAN vragen wij ons af wanneer wij daar als bedrijfsleven ook weer een rol in krijgen. Want de gelden waren toch bedoeld voor de economische versterking van Noord Flevoland? Daar zou het bedrijfsleven dan zeker ook een stem in moeten hebben. We wachten het maar af.
De lokale detailhandel is ook iets wat de BKU boeit. De commissie Detailhandel is al enkele jaren bezig om de belangen van de totale Urker detailhandel te stroomlijnen in een gezamenlijke visie. In nauwe samenwerking zijn achtereenvolgens een positionpaper en een startnotitie geschreven. De volgende stap is een Detailhandelsnota. Het doet ons goed dat ook de wethouder die stap wil zetten. Maar een goede detailhandelsnota is gestoeld op actueel en bruikbaar cijfermateriaal over dat wat er is, dat wat nodig en dat wat er nog kan komen. Of dit moet in de vorm van een Distributie Planologisch Onderzoek, of dat er ook nog andere vormen denkbaar zijn, daarover wil de commissie graag met de wethouder van gedachten wisselen. Doel moet zijn dat het de gezamenlijke Urker detailhandel ten goede komt. Is het wel zo verstandig om bijvoorbeeld een nieuwe winkelontwikkeling in Urkerhard na te streven? Of komen we eerst onze belofte na aan Oud Urk? Vanuit de commissie is daar een duidelijk standpunt over geventileerd. Het zou de gemeente sieren als ze haar beloften zou nakomen. En dan natuurlijk de discussie over de toekomst van Lemsterhoek. Ook hier is visie nodig. Een visie die in gezamenlijkheid geformuleerd moet worden, niet achter gesloten deuren. Het zijn moeilijke tijden, zeker voor onze detailhandel. Daarom is het zo belangrijk dat u met een kraakheldere visie komt voor de toekomst, zodat daarop voort geborduurd kan worden.
Samenwerken. We hebben het al meerdere keren genoemd. De BKU heeft het afgelopen jaar nauw samengewerkt met instanties als VNO NCW-MKB Flevoland en de Kamer van Koophandel. Al vele jaren onderhouden we meer dan goede relaties met deze zakelijke belangenbehartigers. Met Rob Zieck, voorzitter van de Kamer van Koophandel in Gooi, Eem- en Flevoland in ons midden, is het goed te benoemen dat wij hier op Urk een luisterend oor vinden bij uw Kamer. Regionale herindelingen willen je nogal eens van de regen in de drup brengen. Maar het moet gezegd worden dat het wat betreft ons aanspreekpunt bij de Kamer van Koophandel er niet minder op geworden is. Nog steeds zien wij tijdens onze bestuursvergaderingen Wouter Weyers aanschuiven en waar nodig ondersteunend bezig zijn als het bijvoorbeeld gaat over de buitendijkse haven of detailhandel. Wij zijn zeer content met de samenwerking met de Kamer van Koophandel. Natuurlijk, af en toe is het allemaal een beetje de ver-van-mijn-bed-show, als bijvoorbeeld de Nieuwjaarsreceptie in Amersfoort plaatsvindt, maar als het gaat om de bereikbaarheid en benaderbaarheid van de personen die het doen moeten, dan hoort U ons hier op Urk niet klagen. Dank daarvoor! Wij waarderen dat zeer.
Over regionale herindelingen gesproken. De Randstadprovincie. Ook zo’n punt van aandacht. Politiek en provinciaal wordt er over gesproken. Moeten we weer naar Overijssel, blijven we gewoon Flevoland, of trekken we straks samen op in een grote Randstadprovincie, samen met Almere en Lelystad. Mijn persoonlijke gedachte is, dat als het in zo’n Randstadprovincie regent, dan regent het harder dan in Overijssel. En als het in een Randstadprovincie regent, dan druppelt het dus ook harder op Urk, vergeleken met Urk in Overijssel. Het is even een nadenkertje, maar dan heeft u ongeveer een idee hoe ik daar over denk. Laat duidelijk zijn, ik hou liever een provincie Flevoland, waar alles en iedereen goed bereikbaar is, maar als het dan toch moet… Doe me dan die Randstadprovincie maar. Ik denk dat dit voor de economische situatie van Urk geen verkeerde ontwikkelingen met zich mee zal brengen. Maar dat kan ook alleen maar als de samenwerking met NOP en Dronten goed is. Wij bedrijvenkringen weten elkaar al langere tijd goed te vinden. Waar nodig trekken we samen op. Het doet me goed van onze burgemeester te horen dat hij die banden ook wil aanhalen. Uiteindelijk moeten we ook samen een keuze maken als die discussie echt losbreekt rond de Randstadprovincie. Beter een goeie buur, dan een verre vriend.
Tot slot. Weet u nog? Onzekere tijden vergen het uiterste van onze stuurmanskunsten. Alert zijn, snel schakelen, moed, lef, doorzettingsvermogen. Sterke kanten uitbouwen, kansen benutten. Maar vooral zoeken naar manieren om elkaar te versterken, samenwerken. Het is allemaal nodig om de recessie het hoofd te bieden… Ik heb het net al genoemd… Het is niets nieuws… Onze voorvaderen hebben het ons voorgedaan. Zo bijzonder is die BKU dus niet… Bijzonder is Urk, bijzonder is de Urker, bijzonder is de Urker ondernemer. Bijzonder, dat bent U!!
Maak er een bijzonder succesvol, coöperatief en innovatief 2012 van!
Heil en zegen in het nieuwe jaar.
Evert Jansen